Diameter berekenen
Bereken de diameter van een cirkel: uit de omtrek, uit de oppervlakte of uit de straal. Vul één waarde in en krijg direct de diameter (in dezelfde eenheid, bijv. cm).
Voorbeeld: omtrek 31,42 cm → diameter ≈ 10 cm. Straal 5 cm → diameter 10 cm.
Calculator
Diameter = omtrek / π. Vul omtrek in cm in.
Vul een waarde in om de diameter te zien.
Voorbeeld: Omtrek 31,42 cm → diameter = 31,42 / π ≈ 10 cm. Straal 5 cm → diameter = 10 cm.
Formules: d = omtrek/π, d = 2√(oppervlakte/π), d = 2×straal.
Je krijgt: de diameter in dezelfde eenheid als je invoer (bijv. cm).
Wat is de diameter?
De diameter (d) van een cirkel is de langste lijn door het middelpunt, van rand tot rand. Diameter = 2 × straal. Uit omtrek: d = omtrek ÷ π. Een cirkel met omtrek 31,42 cm → d = 31,42 ÷ 3,14159 ≈ 10 cm. Uit oppervlakte: d = 2√(opp/π). Vul omtrek, oppervlakte of straal in; de calculator geeft d direct in dezelfde eenheid.
Diameter bereken je bij buizen, wielen, gaten, borden en plantenpotten. Op verpakkingen staat soms “Ø 15 cm”. Dat is de diameter. In de bouw en techniek bepaalt d de doorlaat, past maat en benodigde ruimte. Leerlingen oefenen diameter na omtrek en oppervlakte van cirkels.
Ken je alleen de straal? Gebruik Straal berekenen of vermenigvuldig straal met 2. Voor inhoud van een cilinder met deze diameter: Inhoud cilinder berekenen. Omtrek = π × d; oppervlakte cirkel = π × (d/2)².
Valkuil: meet de diameter loodrecht op de cirkel, niet schuin. Anders krijg je een te grote waarde. Verwar diameter (d) niet met straal (r = d/2). Bij buizen onderscheid “buitenmaat” en “binnenmaat”. Gebruik dezelfde eenheid (cm, mm) voor omtrek, oppervlakte en straal.
Controleer je resultaat: diameter × π moet de omtrek geven (binnen afronding). Bij twijfel over straal versus diameter: Straal berekenen werkt ook omgekeerd uit omtrek of oppervlakte. Zo blijven je metingen consistent.
Formules
- Uit omtrek: diameter = omtrek / π
- Uit oppervlakte cirkel: diameter = 2 × √(oppervlakte / π)
- Uit straal: diameter = 2 × straal
Voorbeelden
- Omtrek 31,42 cm → diameter ≈ 10 cm
- Oppervlakte 78,54 cm² → diameter ≈ 10 cm
- Straal 5 cm → diameter = 10 cm
- Omtrek 6,28 cm → diameter ≈ 2 cm
Veelgestelde vragen
Hoe bereken ik de diameter uit de omtrek?
Hoe bereken ik de diameter uit de oppervlakte van een cirkel?
Wat is het verschil tussen diameter en straal?
Kan ik de diameter in meters berekenen?
Waarom moet de oppervlakte groter dan 0 zijn?
Bronnen & disclaimer
De formules voor diameter (uit omtrek, oppervlakte en straal) zijn standaard meetkunde. π ≈ 3,14159.
Disclaimer: Deze tool is bedoeld als hulpmiddel. Berekenenhulp.nl geeft geen lesadvies; check bij twijfel je lesmethode of docent.