Indexcijfer berekenen – basis 100 uit twee waarden

Bereken een indexcijfer (basis = 100) uit de waarde in de basisperiode en de waarde in de betreffende periode. Vul beide waarden in en zie direct het indexcijfer.

Voorbeeld: waarde basis 50, waarde periode 60 → indexcijfer 120.

Calculator

Basisperiode = referentie (indexcijfer 100). Beide waarden > 0.

Vul waarde basisperiode en waarde betreffende periode in om het resultaat te zien.

Voorbeeld: waarde basis 50, waarde periode 60 → (60 ÷ 50) × 100 = 120.

Formule: indexcijfer = (waarde betreffende periode ÷ waarde basisperiode) × 100.

Dit is de standaard manier waarop een indexcijfer (basis = 100) wordt berekend.

3 stappen: Vul waarde basisperiode in → vul waarde betreffende periode in → klaar.

Laatste update: 25-01-2026 Rekenen-overzicht
Auteur: Redactie Berekenenhulp.nl Gecontroleerd: Redactie Berekenenhulp.nl op 25-01-2026

Je krijgt: het indexcijfer (basis = 100) — afgerond op 2 decimalen.

Wat is een indexcijfer?

Een indexcijfer is een getal dat een waarde uitdrukt ten opzichte van een basisperiode. De basisperiode krijgt standaard het indexcijfer 100. Formule: indexcijfer = (waarde betreffende periode ÷ waarde basisperiode) × 100. Een indexcijfer van 120 betekent een stijging van 20% ten opzichte van de basis; 80 betekent een daling van 20%. Vul in onze calculator de waarde in de basisperiode en de waarde in de betreffende periode in; je krijgt direct het indexcijfer (basis = 100).

Formule

Indexcijfer

  • Indexcijfer = (waarde betreffende periode ÷ waarde basisperiode) × 100
  • Basisperiode = 100

Voorbeelden

  • Basis 50, periode 60 → (60 ÷ 50) × 100 = 120
  • Basis 100, periode 110 → 110
  • Basis 80, periode 72 → (72 ÷ 80) × 100 = 90
  • Basis 200, periode 250 → (250 ÷ 200) × 100 = 125

Veelgestelde vragen

Hoe bereken ik een indexcijfer?
Een indexcijfer bereken je met: indexcijfer = (waarde betreffende periode ÷ waarde basisperiode) × 100. De basisperiode krijgt daarmee het indexcijfer 100. Bijvoorbeeld: waarde basis 50, waarde periode 60 geeft indexcijfer (60 ÷ 50) × 100 = 120. Vul in onze calculator de waarde basisperiode en de waarde betreffende periode in; je krijgt direct het indexcijfer (basis = 100).
Wat is de formule voor een indexcijfer?
De formule is: indexcijfer = (waarde betreffende periode ÷ waarde basisperiode) × 100. De waarde in de basisperiode staat gelijk aan 100. Een indexcijfer boven 100 betekent een stijging ten opzichte van de basis; onder 100 een daling. Onze calculator rondt standaard af op 2 decimalen.
Wat is het verschil tussen basisperiode en betreffende periode?
De basisperiode is de referentieperiode (vaak een jaar of een moment) waaraan je alles vergelijkt; die krijgt indexcijfer 100. De betreffende periode is de periode waarvan je het indexcijfer wilt weten. Bij prijsindexcijfers: basisjaar = 100, andere jaren worden vergeleken met dat jaar.
Kan de waarde basisperiode 0 zijn?
Nee. De formule deelt door de waarde basisperiode, dus die moet groter dan 0 zijn. Vul een positief getal in voor de basisperiode. Als je geen echte basis hebt, kies dan een referentiewaarde (bijv. 1 of 100) en vul de waarden relatief in.
Waarvoor wordt een indexcijfer gebruikt?
Indexcijfers worden gebruikt om veranderingen in de tijd te meten: prijsindex (CPI), volume-index, loonindex, etc. Basis = 100; een index van 110 betekent 10% stijging ten opzichte van de basis. Onze tool berekent het indexcijfer uit twee waarden.

Bronnen & disclaimer

De formule voor een indexcijfer (basis = 100) is standaard in economie en statistiek en wordt o.a. gebruikt voor prijsindexcijfers (CPI) en volume-indexen.

Disclaimer: Deze tool is bedoeld als hulpmiddel. Berekenenhulp.nl geeft geen economisch of statistisch advies; voor officiële indexcijfers raadpleeg het CBS of andere bronnen.

Gerelateerde calculators